Doorgaan naar hoofdcontent

toch zal het me lukken Esther De Bruijn

En toch zal het me lukken,
om van je te houden,
al moet ik soms bukken,
de mensen die zouden

Je allang hebben verlaten,
maar ik niet,
waarom kun je niet gewoon praten,
dat je het niet inziet,

je doet me pijn ook al wil je het niet,
en toch zal het me lukken,
dat ook jij het inziet,
dat ik niet langer kan bukken,

je bent beter af zonder mij,
dan alleen zul je leren,
de mensen willen geen pijn,
ik laat me niet langer bezeren,

en toch zal het me lukken,
me eigen weg weer in te gaan,
wil niet langer lopen op krukken,
ik laat me niet meer langer slaan,

eens heb je van me gehouden,
leer me nu dan maar weer te vergeten,
je kunt niet meer op me bouwen,
ik ben weer vrij en dat is fijn om te weten.

Reacties

Populaire posts van deze blog

christelijke gedichten deel 3...

Ik kan het niet geloven Is hij het wel? Hij is er, daarbovenKom kijken, snel Hij waakt over ons Hij is er voor ieder lot Diegene geeft niemand de bons Dat is god Hij kijkt niet blij Wat is er aan de hand? Hij stak zijn hand op en zei…. Oorlog hier, haat daar Vanwaar die oorlog om je heen? De wereld waken is al zwaar Waar gaat het heen? Hou op met stelen Hou met vechten Ga samen delen Iedereen heeft zijn of haar rechten Troost elkaar Geef elkaar de hand Het geeft een mooi gebaar En er is vrede in elk landGod is er altijd Help elkaar uit het vuur Je krijgt geen spijt Ook al duur het een uur

trouwerij gedichten deel 2...

Jij, jij bent mijn vrouw Al heel wat jaren in mijn leven De vrouw waar ik van hou Ons leven , ons leven in elkaar verweven Vaak kijk ik in je bruine ogen En streel ik door je haar Wat is de tijd gevlogen God” wat hou ik toch van haar Als ik je weg zie gaan Kijk je om ,daar gaat ze dan Ze heeft me toch zien staan In het begin de vlinders in mijn buik Het voelde voor mij zo vreemd Misschien net als Mozes, en de brandende doornstruik Een geschenk geven Waar je wat aan hebt Een geschenk voor jou Zonder dat je iets kwijt raakt in je leven Een geschenk omdat ik van je hou

Psalm 16

Heer, God die altijd IS, vaak heb ik aangelopen achter mijn gedachten. Woorden, als waren ze mijn God. Nu dank ik U. Mijn lief, mijn troost, U geeft mij U zelf. U bent de beker waaruit ik drink. U bent het brood dat ik eet. 's Nachts en overdag verheugt heel mijn lichaam zich, verblijdt zich mijn geest. Door alles heen stel ik mij U voor ogen. U laat mij leven. In U gerustben ik geborgen. Het kwaad en zijn dreigen Gaan door uw trouw voorbij. Tot in uw Rijk mag mij hart wonen bij U.