Doorgaan naar hoofdcontent

zien met eigen ogen Lucas 2:30, 31

als je dat na het kerstfeest kunt zeggen,
durf je vast wel het leven weer aan.
Want dan ben je opnieuw gaan begrijpen
dat God jou nooit ten onder laat gaan.
Niet dat daardoor de feiten verand'ren
waardoor hier je bestaan wordt bepaald,
maar je krijgt er een betere kijk op,
die je ook, qua geloofsmoed, zo straalt,
dat je hoopvol de weg blijft vervolgen
waarop jij je nog altijd bevindt.
Dan pas merk je hoe God, ondanks alles
je steeds weer met zijn heilsplan verbindt.
Als je daarvoor je ogen maar opent
en dus leeft vanuit zijn perspectief,
dan ervaar je daadwerk'lijk zijn vrede
en dan weet je: Ook mij heeft God lief

Reacties

Populaire posts van deze blog

christelijke gedichten deel 3...

Ik kan het niet geloven Is hij het wel? Hij is er, daarbovenKom kijken, snel Hij waakt over ons Hij is er voor ieder lot Diegene geeft niemand de bons Dat is god Hij kijkt niet blij Wat is er aan de hand? Hij stak zijn hand op en zei…. Oorlog hier, haat daar Vanwaar die oorlog om je heen? De wereld waken is al zwaar Waar gaat het heen? Hou op met stelen Hou met vechten Ga samen delen Iedereen heeft zijn of haar rechten Troost elkaar Geef elkaar de hand Het geeft een mooi gebaar En er is vrede in elk landGod is er altijd Help elkaar uit het vuur Je krijgt geen spijt Ook al duur het een uur

trouwerij gedichten deel 2...

Jij, jij bent mijn vrouw Al heel wat jaren in mijn leven De vrouw waar ik van hou Ons leven , ons leven in elkaar verweven Vaak kijk ik in je bruine ogen En streel ik door je haar Wat is de tijd gevlogen God” wat hou ik toch van haar Als ik je weg zie gaan Kijk je om ,daar gaat ze dan Ze heeft me toch zien staan In het begin de vlinders in mijn buik Het voelde voor mij zo vreemd Misschien net als Mozes, en de brandende doornstruik Een geschenk geven Waar je wat aan hebt Een geschenk voor jou Zonder dat je iets kwijt raakt in je leven Een geschenk omdat ik van je hou

Psalm 16

Heer, God die altijd IS, vaak heb ik aangelopen achter mijn gedachten. Woorden, als waren ze mijn God. Nu dank ik U. Mijn lief, mijn troost, U geeft mij U zelf. U bent de beker waaruit ik drink. U bent het brood dat ik eet. 's Nachts en overdag verheugt heel mijn lichaam zich, verblijdt zich mijn geest. Door alles heen stel ik mij U voor ogen. U laat mij leven. In U gerustben ik geborgen. Het kwaad en zijn dreigen Gaan door uw trouw voorbij. Tot in uw Rijk mag mij hart wonen bij U.